Asklepiades beschrijft in zijn epigrammen verschillende vormen van liefde. Hij is één van de weinige schrijvers uit de oudheid die over lesbische liefde schrijft. Ondanks dat het woord lesbiënne is afgeleid van het eiland waar de Griekse dichteres Sappho (6e eeuw. v. Chr.) haar liefdesgedichten schreef, was vrouwelijke homoseksualiteit niet iets wat algemeen geaccepteerd werd in de Grieks-hellenistische samenleving, in tegenstelling tot homoseksualiteit en pederastische relaties (volwassen mannen en minderjarige jongens).

Onderstaande epigrammen laten het verschil in acceptatie tussen mannelijke en vrouwelijke homoseksualiteit binnen de Griekse samenleving goed zien. Beide epigrammen worden rond dezelfde tijd gedateerd (ca. 300-270 v. Chr.).

De relatie tussen Eubiotos en Kleander wordt gezien als iets goeds (καλός). De mannen worden vergeleken met materialen, die binnen de hellenistische wereld golden als modieuze luxe-artikelen. Smaragd, ebbenhout en ivoor waren bovendien importgoederen (Egypte); hier wordt niet alleen homoseksualiteit, maar ook de Alexandrijnse cultuur verheerlijkt (wellicht dat één van de twee mannen of beiden hier vandaan kwamen).

De dingen die de Samische meisjes Nannion en Bitto doen, zijn volgens Asklepiades helemaal niet goed (μὴ καλά). Sterker nog, ze schenden de heilige wetten (νόμοι), iets waar in de oudheid een zware straf op stond. Natuurlijk schrijft Asklepiades dit niet serieus, maar met een ironische ondertoon: het is zijn bedoeling dat heteroseksuele mannelijke lezers net als hijzelf behoorlijk opgewonden raken van al die ‘verboden’ handelingen die Nannion en Bitto verrichten…

Schermafbeelding 2017-08-06 om 01.37.41.png

 

Schermafbeelding 2017-08-06 om 01.54.04.png

 

 

 

Advertenties